Werken tijdens zwangerschap en borstvoeding
Als je als werkneemster of zelfstandige zwanger raakt heb je natuurlijk recht op zwangerschaps- en bevallingsverlof. Maar er zijn meer zaken waar een zwangere en haar werkgever rekening mee moeten houden. Denk aan veiligheid voor de vrouw en het ongeboren kind, en bijvoorbeeld aan mogelijkheden om na de geboorte bij terugkeer op het werk te kunnen kolven of borstvoeding te geven.
Veilig en gezond
Tijdens de zwangerschap en in de periode dat de vrouw borstvoeding geeft moet je (extra) veilig en gezond je werk kunnen doen. Het werk mag geen negatieve invloed hebben op de zwangerschap of borstvoeding. Bijvoorbeeld werken met gevaarlijke chemische stoffen mag niet meer en er moeten voldoende rustmomenten worden ingebouwd. Pas ook op met fysiek zwaar werk: tillen, dragen, bukken etc. Als het werk dat je normaal gesproken doet nu niet meer gaat moet je werkgever je - in overleg - aangepast werk aanbieden. Of als dat niet gaat, vrijstellen van werk.
Je hebt als zwangere in ieder geval recht op regelmatige werk- en rusttijden, geen verplicht overwerk of nachtdiensten, extra pauzes en zwangerschapsonderzoek in werktijd.
Zwangerschapsverlof en bevallingsverlof
Als zwangere vrouw heb je recht op minimaal 16 weken zwangerschaps- en bevallingsverlof, ook als je nog geen jaar bij je werkgever in dienst bent. De datum van ingang en einde van het verlof hangen af van de datum waarop de baby verwacht wordt en de datum waarop de baby uiteindelijk echt geboren wordt. Je mag stoppen met werken van 6 tot 4 weken voor de uitgerekende datum. De 16 weken verlof gaan in op het moment dat je stopt met werken. Als je dus 6 weken van te voren stopt en de baby komt op de uitgerekende datum heb je nog 10 weken verlof. Ben je 4 weken van te voren gestopt en komt de baby op de uitgerekende datum dan heb je nog 12 weken tegoed. Komt de baby eerder dan de uitgerekende datum, bijvoorbeeld al na 2 weken nadat je gestopt bent met werken, dan heb je nog steeds gewoon 16 weken verlof in totaal, dus kun je nog 14 weken thuis blijven. Je hebt echter altijd recht op 10 weken verlof na de bevalling. Als de baby dus 1 week te laat komt en je bent 6 weken van te voren gestopt zou je nog maar 16 - 7 = 9 weken verlof tegoed hebben, dit wordt dan aangevuld met een extra week zodat je toch nog op 10 weken verlof achteraf uitkomt.
Je moet zelf bij je werkgever aangeven wanneer je wilt dat je zwangerschapsverlof ingaat. Je moet het verlof op zijn laatst 3 weken voor de gewenste ingangsdatum aanvragen. Je wordt tijdens het zwangerschaps- en bevallingsverlof gewoon volledig doorbetaald.
Het voordeel van zo lang mogelijk doorwerken is natuurlijk dat je dan wat langer verlof achteraf hebt als de baby er is. Maar onderschat ook niet hoe zwaar de laatste paar weken zwangerschap kunnen zijn. Zeker met een staand beroep of een wat moeizamere zwangerschap is het prettig om 6 weken van te voren te stoppen zodat je wat uitgeruster aan de bevalling kan beginnen.
Borstvoeding
Als je na de bevalling weer aan het werk gaat en borstvoeding geeft heb je tot je kind negen maanden is recht op extra pauzes (een kwart van de werktijd) om te kunnen kolven. De werkgever moet hier een afsluitbare ruimte voor ter beschikking stellen waar je ongestoord kunt gaan zitten. Bovendien moet je de afgekolfde melk in een koelkast kunnen bewaren. Lukt dit op het werk niet, dan mag je zelf iets regelen, of in werktijd naar de baby toe gaan om deze te voeden. Probeer hier ruim voordat je met zwangerschapsverlof gaat al afspraken over te maken met je werkgever.
Ontslag
In principe mag je niet worden ontslagen tijdens de zwangerschap of de eerste 12 weken na de bevalling, speciale gevallen (zoals faillissement) daargelaten. Sowieso is het nooit toegestaan iemand te ontslaan (of niet aan te nemen) omdat ze zwanger is. Je hoeft dan ook niet tijdens een sollicitatiegesprek te vertellen dat je zwanger bent.
(Minder) werken en de Nederlandse wetgeving
Of je er gebruik van wilt maken of niet is je eigen keuze, maar wees je in ieder geval bewust van je wettelijke recht op ouderschapsverlof, levensloopregeling, aanpassing van de arbeidstijd en dergelijke.
Ouderschapsverlof
Ouderschapsverlof mogen beide ouders opnemen als ze een kind verzorgen (dus ook adoptiekinderen!) in de leeftijd van 0 tot 8 jaar. In principe kan je werkgever niet weigeren om je ouderschapsverlof te geven. De werkgever is echter niet verplicht om de niet gewerkte uren door te betalen. In sommige CAO's staat dat over de niet gewerkte uren in verband met ouderschapsverlof toch nog 75% van het loon wordt doorbetaald. Elk kind geeft recht op ouderschapsverlof, als je een tweeling hebt krijg je dus ook twee keer zoveel uren verlof als wanneer je maar één kind zou hebben.
Hoeveel uren mag je vrij nemen? Het aantal uur ouderschapsverlof waar je recht op hebt is afhankelijk van je arbeidsduur. Voorheen was dit 13 weken aaneengesloten verlof, per 1 januari 2009 wordt dit 26 weken aaneengesloten verlof. Je kunt ook het verlof uitsmeren over langere periode, waarbij je dan slechts een aantal uur / dagen per week verlof opneemt. Bijvoorbeeld, je kunt 26 weken helemaal vrij nemen of 52 weken de helft van de tijd dat je normaal gesproken werkt (werk je 4 dagen per week dan kun je een jaar lang 2 dagen per week ouderschapsverlof opnemen).
Het aantal uren dat je op kunt nemen is vast, maar je kunt de uren wel (in overleg met je werkgever) over een bepaalde periode verdelen. Combinaties zijn ook mogelijk, bijvoorbeeld eerst een maand vrij en daarna één dag per week, maar dit moet je wel overleggen met je werkgever.
Aanpassing arbeidsduur
Als je minder (of meer) uur per week wilt gaan werken krijg je te maken met de WAA, wet aanpassing arbeidsduur. Je kunt bij je werkgever minimaal 4 maanden voor je minder wilt gaan werken een aanvraag indienen. In principe kan de werkgever dit verzoek niet weigeren, tenzij door die aanpassing in jouw werktijd het bedrijf in ernstige problemen zou komen.
Voor deze regelingen geldt over het algemeen dat je een jaar in dienst moet zijn bij je werkgever en dat die werkgever een bedrijf heeft met meer dan 10 werknemers.
Regelgeving sociale zaken en werkgelegenheid
Kijk op de pagina van het SZW voor details over de regelgeving omtrent werken, verlof en zorg.
Kinderopvang
Wie past er op je kind als jij aan het werk bent? Voor verschillende soorten van kinderopvang kijk op onze pagina over kinderopvang.
Thuisblijfmoeders en thuisblijfvaders
De tendens de laatste jaren is toch wel dat steeds meer ouders allebei een baan buitenshuis willen blijven houden. Vroeger was dat ondenkbaar, zodra vrouwen kinderen kregen moest de baan (als ze die al hadden) worden opgezegd. Gelukkig heeft men tegenwoordig de keuze. Vrouwen die buitenshuis willen werken kunnen dat gerust doen omdat er kinderopvang bestaat en de samenleving er op ingericht is dat beide ouders werken. Aan de andere kant zie je ook weer veel moeders (en vaders) die bewust hun carrière opgeven of op een laag pitje zetten om thuis te kunnen blijven om zelf voor de kinderen te zorgen. Het komt natuurlijk ook voor dat beide partners hun (parttime) werk zo weten in te richten dat er altijd iemand thuis is om op de kinderen te passen.
Geheel of gedeeltelijk thuiswerken of eigen baas zijn is een oplossing om enerzijds thuis te zijn als de kinderen je nodig hebben en anderzijds toch wat geld te verdienen. Het is een illusie om te denken dat je met een paar kleine kinderen om je heen de hele dag ongestoord kan werken (en daarvoor heb je ook niet de keuze gemaakt om thuis te blijven, toch?) dus veel werk zal 's avonds of in het weekend plaats moeten vinden, als de kleintjes slapen of op het moment dat de grotere kinderen naar school gaan.
Een leuk boek waarin veel staat geschreven over de diverse gezinssamenstellingen en de manieren waarop werk en zorg wordt gecombineerd is "Groot worden ze toch wel". Een aanrader!