1-2 weken zwanger

Eind van de menstruatie, eisprong en bevruchting

De eerste 2 weken van de zwangerschap

De zwangerschap begint te tellen vanaf dag één van je laatste menstruatie. Dan ben je dus nog helemaal niet zwanger. Na één week zwangerschap is je menstruatie net gestopt, pas na twee weken treedt de ovulatie op en kan de eicel bevrucht worden. Hoewel men rekent met een zwangerschapsduur van 40 weken draag je dus in feite het kind maar 38 weken. De eerste twee weken van je zwangerschap krijg je dus cadeau. Op het moment dat de volgende menstruatie uitblijft en de zwangerschapstest positief is weet je dus niet alleen dat het vruchtje al een week of twee oud is, maar ben je officieel al vier weken zwanger!

Let op, we gaan bij het berekenen van de zwangerschapsduur en leeftijd van het embryo voor het gemak uit van een eisprong op dag 14 van de cyclus, wat gemiddeld is. Aan de grootte en ontwikkeling van het vruchtje aan het begin van de zwangerschap is vrij nauwkeurig te zien hoe oud het is. Als over een of twee maanden bij de termijnecho blijkt dat jouw eisprong nu toch wat eerder of later was dan dag 14, worden de zwangerschapsduur en de datum waarop het kindje wordt verwacht gewoon bijgesteld.

2 weken zwanger – de bevruchting en eerste delingen

Je bent twee weken geleden voor het laatst ongesteld geworden, en zit nu in de 3e week van de cyclus, de eisprong is net geweest. Het vruchtje gaat zijn eerste week in en is 0 tot 7 dagen oud.  

Eisprong en bevruchting

zygote 4 cellen
Zygote met inmiddels 4 cellen

Na twee weken vindt de eisprong (ovulatie) plaats. Het eitje daalt langzaam door de eileiders af naar de baarmoeder. Van de enorme hoeveelheid zaadcellen die zijn vrijgekomen zullen er maar een paar de zware tocht door de baarmoederhals naar de eicel helemaal volbrengen. Van die doorzetters zullen maar een paar zaadcellen ook door de buitenkant van de eicel heen kunnen dringen. Zodra er eentje binnen is verandert de oppervlakte van de eicel direct, zodat er geen andere zaadcellen meer bij kunnen komen.  Op deze manier kan er altijd maar één set chromosomen bij de eicel binnenkomen! De “winnaar” is die zaadcel die er het eerst in slaagt om zijn kern met de kern van de eicel te laten versmelten – door met zijn staart zo te draaien dat zijn kopje zich als het ware het celmembraan van de eicel in boort.

De zaadcel verliest nu zijn staart. De kern van de zaadcel (waarin het erfelijk materiaal zit) en eicel smelten samen en de 23 chromosomen van de moeder hechten zich aan de 23 chromosomen van de vader en maken op deze manier de allereerste cel die de kenmerken bevat van het nieuwe individu (de zygote). Vanaf nu ligt vast of het toekomstige kindje bruine of blauwe ogen zal hebben en bijvoorbeeld of hij of zij aanleg zal hebben voor een bepaalde ziekte of juist een talent. Ook het geslacht is al bepaald. Al is er nog niets van te zien, het staat al vast of het toekomstig kindje een jongen of een meisje wordt. (In de rest van de tekst zullen het voor de leesbaarheid alleen nog maar over “hij” hebben.)

Deling van de bevruchte eicel

Na 24 tot 30 uur deelt de bevruchte cel zich in tweeën. of zygote zich gedeeld in twee cellen. De komende tijd zal die verdubbeling doorgaan, om de twaalf tot vijftien uur zullen de cellen zich verdubbelen. Het vruchtje groeit nu razendsnel.

Na 4 tot 5 dagen ontstaat er een holte in dit klompje cellen en wordt het embryo een blastocyste genoemd. De bol wordt een plat schijfje.

Het vruchtje daalt verder af door de eileider naar de baarmoeder waar het tegen

zygote op dag 6 na bevruchting
Zygote op dag 6 na bevruchting

het einde van de week de baarmoederwand binnendringt: de innesteling.

 

Tweeling

Soms splitst al vóór dag 5 de bevruchte cel in tweeën, zodat er een identieke ééneiige tweeling ontstaat. Het grootste deel van de ééneiige tweelingen ontstaan echter tussen dag 5 en dag 9.

Mogelijk vind je dit ook interessant