Inenten: wel of niet doen?

Je kindje is net geboren. Over twee maanden komen de eerste injecties, de komende jaren zullen er nog veel inentingen op het consultatiebureau of bij de schoolarts/ggd volgen. Veel ouders vinden deze inentingen vanzelfsprekend. Maar wat als je twijfelt? Misschien heb je hebt geruchten gehoord over autisme, vermoeidheid of andere problemen die mogelijk door inentingen worden veroorzaakt. Wat zijn de risico’s van inenten? Hoe zit het met bijwerkingen? En is inenten eigenlijk nog wel nodig?

Twijfels over inenten

De meeste ouders in Nederland laten hun kind inenten. Hoeveel verschilt per gemeente, maar het ligt tussen de 92 en 99 procent. Deze ouders zien vooral de voordelen van het inenten. Het helpt namelijk enorm in het terugdringen van ziektes, ernstige complicaties, ziekenhuisopnames en sterfgevallen. En hoe meer mensen meedoen aan de vaccinaties, hoe beter het effect natuurlijk.

Een onderzoek van de Universiteit van Groningen schat in dat er tussen 1953 en 1992 ongeveer 12.000 sterfgevallen zijn voorkómen door inentingen. De complicaties en ziekenhuisopnames zijn dan nog niet eens meegeteld.

Wat zijn de voordelen van inenten?

  1. Inentingen beschermen je kind tegen ernstige (bij)verschijnselen bij ziektes, zoals bijvoorbeeld longontsteking. Het verkleint de kans op deze (bij)verschijnselen enorm. Het verkleint ook de kans dat je kind de ziekte krijgt waarvoor het is ingeënt.
  2. Doordat de meeste mensen zijn ingeënt, komen sommige ziektes, zoals polio en difterie, bijna niet meer voor.
  3. Als meer dan 95% van de mensen is ingeënt, treedt groepsbescherming op. De kans op een uitbraak van een ziekte waartegen de mensen ingeënt zijn, is heel klein. Ook jonge en kwetsbare kinderen en volwassenen die om gezondheidsredenen niet kunnen worden ingeënt (bijv. omdat ze leukemie hebben), zijn daardoor beschermd. Je beschermt dus niet alleen je kind, maar ook anderen.

Wat zijn de nadelen van inenten?

  1. Lichte  bijwerkingen, zoals een rode huid of wat koorts zijn niet heel ongewoon.
  2. Veel minder vaak gelukkig, maar het komt voor: heftigere bijwerkingen. Wil je de bijwerkingen precies weten? Het onderzoekscentrum Lareb publiceert de bij hen gemelde bijwerkingen op hun website.
  3. Volgens de website van de Nederlandse Vereniging Kritisch Prikken zijn er ook enkele andere bijwerkingen, zoals een hogere kans op chronische verkoudheid.

Niet inenten?

Sommige ouders kiezen ervoor om hun kind niet in te laten enten. De redenen hiervoor lopen uiteen. Dat kan bijvoorbeeld zijn op grond van een geloofsovertuiging. Ook weigeren ouders kinderen te laten inenten vanwege medische redenen, bijvoorbeeld omdat men bang is voor een allergische reactie op een inenting.

Vijf veelgehoorde redenen om niet in te enten

Wanneer mensen hun kinderen niet willen laten inenten zijn daar verschillende argumenten voor. Sommige argumenten snijden wat meer hout dan andere. Lees hieronder meer over vijf veelgehoorde argumenten om je kind NIET te laten inenten.

1. Ziektes doormaken biedt betere bescherming

Als je lichaam een ziekte doormaakt, maakt je lichaam antistoffen aan. Deze antistoffen beschermen je tegen de ziekte. Soms beschermt het doormaken van de ziekte je langer tegen de ziekte dan de vaccinatie. Bijvoorbeeld bij kinkhoest. Een inenting beschermd je vijf jaar tegen de ziekte, maar als je lichaam de ziekte zelf doormaakt, ben je tot tien jaar lang beschermd. Bij andere ziektes, zoals tetanus, geeft het doormaken van deze ziekte onvoldoende bescherming. Inenten beschermt bij tetanus beter.

Inenten voorkomt niet alle ziektegevallen. Maar na inenting is de ernst van de ziekte meestal minder.

Het doormaken van een ziekte brengt ook risico’s met zich mee, die na vaccinaties niet optreden. Denk daarbij aan koorts, dagenlang ziek in bed liggen, maar ook ziekenhuisopname. Het is niet voor niets men juist wil voorkomen dat deze ziekten zullen optreden.

2. Inenten kan autisme veroorzaken

Onzin! De Nederlandse vereniging voor Autisme meent dat er  geen enkel verband is tussen vaccinaties en autisme.  Er is veel onderzoek gedaan naar de oorzaak van autisme en autisme spectrum stoornis. Het is zeker dat dit niet wordt veroorzaakt door inentingen.

Autisme is het gevolg van een aangeboren afwijking in de hersenen, waarmee een kind ter wereld komt. Daarnaast kan het een gevolg zijn van genetische afwijkingen, geboortetrauma of andere complicaties tijdens de zwangerschap. Autisme ontstaat niet op latere leeftijd als gevolg van externe factoren. Ook kan het een bijkomend verschijnsel zijn bij andere aandoeningen of syndromen, maar ook deze zijn dan aangeboren.

3. Inentingen veroorzaken wiegendood

Ook dit is zeer onwaarschijnlijk. De Volkskrant speurde de jaarrapportages van het RIVM en het bijwerkingencentrum Lareb na op sterfgevallen na inentingen. In de afgelopen acht jaar meldden ouders de dood van 12 kinderen als verdacht aan. Omgerekend is dit anderhalf sterfgeval per jaar. Bij de meeste gevallen kon een verband met de inenting worden uitgesloten. Er zat bijvoorbeeld te veel tijd tussen de inenting en de ziekte, of onderzoek op het lichaam van het overleden kind bracht een andere doodsoorzaak naar boven.

Er is uit de onderzoeken en dossiers geen enkele aanwijzing af te leiden dat vaccins kindersterfte veroorzaken. Directeur Agnes Kant van Lareb: ‘We nemen dit soort gevallen altijd zeer serieus. Maar we hebben nog nooit een verband met vaccins kunnen aantonen. Vaak zijn er andere factoren in het spel.’

4. Mijn kind is ziek

Als je kind zich niet lekker voelt of koorts heeft, is het verstandig om met het consultatiebureau te overleggen of de vaccinatie moet worden uitgesteld. Als je kind een behandeling ondergaat die het immuunsysteem verzwakt, overleg dan met de behandelend arts wat het effect is van de inenting. het zou kunnen dat het inderdaad beter is om de inenting over te slaan of tijdelijk uit te stellen.

5. Mijn kind heeft een goed werkend afweersysteem tegen ziektes

Na een inenting worden er door het afweersysteem antistoffen aangemaakt. Je kind is nu beschermd tegen deze ziekte, zonder dat het de ziekte zelf hoeft door te maken.

Je kind wordt geboren met een effectief afweersysteem dat ziektes in het lichaam opruimt. Maar dat afweersysteem moet als het ware ‘getraind’ worden. Dat gebeurt elke dag, doordat je kind allerlei verschillende virussen en bacteriën tegenkomt. Het afweersysteem maakt antistoffen aan, die het lichaam beschermen tegen de ziekte of bacterie die je kind binnen heeft gekregen. In een vaccin zit een verzwakte of dode variant van een virus of bacterie. Deze veroorzaakt dezelfde reactie van  het afweersysteem als al die andere bacteriën en virussen die je kind binnenkrijgt. Het afweersysteem maakt antistoffen aan.

Twijfels? Bezoek het vaccinatieconsult!

Als je nog vragen of twijfels hebt over inentingen, kun je een extra gesprek op het consultatiebureau aanvragen. In dit gesprek kun je jouw vragen of twijfels bespreken met een arts of verpleegkundige. Neem daarvoor contact op met het consultatiebureau, de GGD of een Centrum voor Jeugd en Gezin bij jou in de buurt.

Zijn er alternatieven?

Volgens de Nederlandse Vereniging Kritisch Prikken is ‘homeopatische profylaxe’ een alternatief voor inenten.

Bekijk ook het programma van  de Monitor van KRO-NCRV dit onderwerp: de ‘anti-vaxxers’.

Ook interessant

Reageer

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.