Voeding
Het eerste half jaar haalt je baby alles wat hij nodig heeft uit de melk. Of dat nou uit de borst of uit de fles komt. Daarbij komen nog wat verplichte vitamines, maar dan heb je het ook wel gehad. Pas daarna heeft je kleine mensje wat vast voedsel nodig.
Of je nu flesvoeding of borstvoeding geeft, de meeste ouders hebben wel vragen over voeding, zeker als het een eerste kindje betreft.
Voedingsschema
Het volgende voedingsschema geeft het advies weer van onze dietiste over hoeveel kinderen zouden mogen drinken en eten. De eerste kolom geeft aan voor welke leeftijd het advies geldt, de tweede hoe vaak er per 24 uur aan de borst gedronken moet worden (in geval van borstvoeding), de derde (in geval van flesvoeding) hoevaak en hoeveel ml melk er gegeven mag worden per 24 uur. De laatste kolom geeft aan of er naast de melk nog vitaminen of vast voedsel gegeven mag worden.
Let wel, het is slechts een richtlijn! Het is logisch dat niet iedere baby evenveel en even vaak drinkt. Zolang de baby gezond is en goed groeit hoef je je dus niet druk te maken. Bij twijfel, richt je tot het consultatiebureau.
Borstvoeding? Gratis proefverpakking van Nutrilon Zwangerschap & Borstvoeding
| Leeftijd | Borst | Flesvoeding(*) | En verder.. |
| 0-6 wkn | 6-7x | 7x80 of 6x120 ml | Bij borstvoeding vitamine K en D |
| 6-8 wkn | 5-6x | 6x120 of 5x150 ml | Bij borstvoeding vitamine K en D |
| 2 mnd | 5x | 5x 150-180 ml | Bij borstvoeding vitamine K en D |
| 3 mnd | 5x | 5x 150-180 ml | Bij borstvoeding vitamine D (geen K meer) |
| 4-5 mnd | 5x | 5x 150-180 ml | Bij borstvoeding vit. D Eventueel:
|
| 6 mnd | Naar behoefte | 3 - 4 x 200 ml | Bij borstvoeding vit. D
|
| 7-8 mnd | Naar behoefte | 1 - 2 x 200 ml | Bij borstvoeding vit. D
|
| 9-12 mnd | Naar behoefte | 1 - 2 x 200 ml | Bij borstvoeding vit. D
|
(*)Flesvoeding: de eerste 6 maanden drinken baby's ongeveer 150 ml per kg lichaamsgewicht. Dit mag niet boven de 1 liter per dag uitkomen en maximaal 200 ml per voeding. Na 6 maanden gaat men over op opvolgmelk en wordt er langzaam afgebouwd naar 0,5 l per dag, incl. pap.
Kijk voor een voorbeeld van hoe je de melk en vaste hapjes verdeeld over een dag op voorbeeld van een voedingsschema.
Vast voedsel: groentehapjes en fruithapjes
Vanaf
4 maanden kun je beginnen met het geven van bijvoeding in de vorm van
fruit. Het is echter nog niet nodig. Verdenk je je kind ervan een
voedselallergie
te kunnen hebben, wacht dan tot 6 maanden met de eerste bijvoeding.
Het eerste vaste voedselhapje is een hele belevenis. Zowel voor je kind als voor jou. Het is nog hartstikke moeilijk voor je kleine om opeens van een lepeltje te eten, en hij zal dan ook een hoop gekke gezichtjes trekken. En je kunt er vanuit gaan dat zeker de eerste paar keer het een grote knoeiboel wordt! Je baby moet nog leren hoe dat eten netjes van een lepel afgegeten moet worden. En dat kost een hoop oefenen.
Niet alleen van het lepeltje eten moet worden geleerd, maar ook alle smaakjes zijn nieuw. Begin daarom ook met één (milde) smaak tegelijk en geef dat een dag of drie achter elkaar voor je aan een iets nieuws begint. Zo kan je baby wennen aan een bepaald smaakje en kun jij beter controleren of de baby wellicht op een bepaalde fruit- of groentesoort allergisch zal reageren. Begin desnoods met een paar theelepeltjes. Het gaat nu even meer om het leren eten dan om het binnenkrijgen van voedingsstoffen. Voer de hoeveelheid geleidelijk op. Er valt dan vanzelf een flesvoeding van het menu af.
Je kleine moet nog leren kauwen en slikken. Het eten zal dus fijn geprakt moeten worden. Je kunt het eten zelf maken en fijnprakken met behulp van een staafmixer of keukenmachine, maar de kant en klare potjes die je bij de supermarkt koopt zijn zeker net zo goed. Als je zelf eten klaarmaakt of je baby eet mee met het gezin let dan op dat je niet teveel suiker en zout door het eten doet, daar kan dat kleine lijfje nog niet goed tegen. Laat vooral ook de kruiden staan. Daar houdt je baby helemaal niet van! Het is wennen aan alle smaakjes, en de milde smaakjes zijn voorlopig heftig genoeg.
Kies als eerste fruithap peer, perzik of banaan. Kies nitraatarme groenten zoals wortel, bloemkool, broccoli of snijbonen, sperzieboontjes, fijn geprakte doperwten, witlof, peultjes, ontvelde tomaten, komkommer, asperges, courgette en aubergine.
Nu je kind bijvoeding krijgt verandert de ontlasting van kleur en vastheid.
Nitraatrijke of gasvormende groenten
Deze groenten liever pas na het eerste levensjaar van je kindje geven. Nitraat wordt in het lichaam omgezet in nitriet. Nitriet wordt nauwelijks uitgescheiden via de ontlasting of urine waardoor het in het lichaam blijft. Dit nitriet kan mogelijk in de bloedbaan terecht komen waardoor er problemen kunnen ontstaan met de zuurstoftransport (ademhaling). Vooral bij baby's kan dit problemen veroorzaken.
Nitraatrijke groenten zijn: andijvie, rode bieten, bleekselderij, Chinese kool, koolrabi, paksoi, postelein, raapstelen, waterkers, alle soorten sla, spinazie, spitskool en venkel.
Gasvormende groenten zoals ui, prei en koolsoorten worden ook nog even afgeraden onder het eerste jaar. Je kind kan dit nog moeilijk verteren en daarom kunnen deze groenten darmkrampjes veroorzaken.
Waarom mag je baby nog niet zoveel zout?
De nieren van een kind werken nog minder goed dan de nieren van een volwassen, daarom moet de nierbelasting van jonge kinderen beperkt worden. Zout wordt uitgescheiden door de nieren. Zout in de voeding geeft dus een extra belasting aan de nieren. Deze extra belasting moet worden voorkomen, daarom wordt het afgeraden om bij kinderen onder de 1,5 jaar zout toe te voegen aan de maaltijden.